Toekomstvisie Limburg 2050 en de Groene Loper Kunrade

Hoe moet Limburg er in 2050 uitzien? Die vraag stond centraal bij het opstellen van de provinciale Toekomstvisie Limburg 2050. Hierbij worden de thema’s Economie, Wonen, Landelijk gebied, Mobiliteit en Energie bekeken. De Toekomstvisie is geen omgevingsplan of omgevingsvisie, maar geeft wel richting en stelt kaders voor latere regels en besluiten (zoals de Provinciale Omgevingsvisie). Vooral deze latere regels en besluiten, voortvloeiend uit deze Toekomstvisie, kunnen grote invloed hebben op wat wel en niet mag op en rond de Groene Loper Kunrade.

Het is een vrij omvangrijk document (218 pagina’s) en we zullen het daarom niet in details bespreken. Voor de Groene Loper Kunrade zijn met name de visie op landelijk gebied en wonen interessant, daar kijken we in vogelvlucht naar.

Visie op Wonen

Zoals wij al eerder schreven over Voerendaal, wordt de gehele Limburgse woningmarkt gekenmerkt door een mismatch tussen het type woningen in de huidige woning voorraad en de toekomstige behoefte. Net als in Voerendaal verschuift in heel Limburg de toekomstige woonbehoefte: minder vraag naar grondgebonden koopwoningen en meer vraag naar onder andere appartementen.

Figuur 1 Woonbehoefte (uit scenario Natuurlijk Limburg)


Daarnaast ligt er ook een uitdaging in de demografische ontwikkeling. Alleen bij het voortzetten van de huidige migratie trend, afgelopen 5 jaar +2.800 binnenlands en +4-5.000 buitenlands is de bevolking in Limburg gegroeid. Zonder deze migratie was de bevolking in Limburg al afgenomen met 4.000 tot 5.000 personen. Indien deze trend doorzet blijft de bevolking in Limburg groeien, zo niet, dan krimpt de bevolking snel. Het aantal huishoudens krimpt van iets meer dan 540.000 nu naar ongeveer 510.000. Ook dit schreven wij hier al eerder, met details over de verdeling in de provincie.

Figuur 2 Prognose ontwikkeling huishoudens

Woningbouwprojecten zonder zorgvuldige inpassing kunnen leiden tot versnippering van natuur, meer verstening en verlies van landschappelijke kwaliteit. Woningbouw mag niet ten koste gaan “van het groen en de gemeenschappen die zo geworteld zijn in de rust en ruimte om de kernen heen.”

Inbreiding en verdichting hebben zowel voor dorpen als steden de voorkeur. Dit is belangrijk voor de draagkracht en het op peil houden van voorzieningen. Deze inbreiding en verdichting wordt deels bereikt door slimmer om te gaan met de bestaande voorraad. Zoals het splitsen van woningen, waar wij al vaker over schreven (bijvoorbeeld om jongeren te behouden). Er wordt niet uitgebreid in kwetsbaar gebied of op landbouwgrond, maar bewust binnen kernen, zodat deze levendig blijven.

Ook voor gebieden zoals de Groene Loper Kunrade betekent dit dat nieuwe woningbouw in eerste instantie binnen bestaande dorpskernen gezocht moet worden.

Visie op Landelijk Gebied

“Limburg verdicht binnen haar kernen en beschermt het open buitengebied. Herverkaveling en schaalvergroting van natuur versterken biodiversiteit, waterberging en grensoverstijgende verbindingen. Robuuste natuurcorridors en lokale regie maken het landschap weerbaar tegen hitte en wateroverlast.”


In de Toekomstvisie wordt een belangrijke rol toebedeeld aan het landelijke gebied; om natuurgebieden te verbinden, om water op te vangen, toerisme en recreatie, voor  landbouw, maar ook voor de identiteit van onze dorpen. Het landelijk gebied is geen gebied dat wacht op invulling, maar het fundament van onze regio.

In de landelijke omgeving komen meerdere functies samen, het is niet enkel landbouw, niet enkel natuur. Maar landbouw, natuur,  wateropvang, recreatie, economie en, eventueel, beperkte bewoning. Ontwikkelingen zijn mogelijk, maar alleen wanneer de balans tussen deze functies behouden blijft.



Er is bewust ruimte voor het landelijk gebied. Groen behouden is geen stilstand, maar een ontwikkeling om onze ruimtelijke identiteit te beschermen. Overmatige verstedelijking verstoort de balans, en daarom dient het landelijk gebied actief beschermd en versterkt te worden.

Het landelijk gebied speelt daarnaast een belangrijke rol in klimaatadaptatie, in het heuvelland zijn dat met name de beekdalen, de plekken waar het water natuurlijk naar toe beweegt. Landbouwgebieden worden gebruikt voor waterbuffering bij droogte.

Scenario’s voor de toekomst

De hier bovenstaande visies, samen met de visies op  economie, mobiliteit en energie geven in de Toekomstvisie voeding aan vier scenario’s die de “hoeken van het speelveld” vormen waarin de Toekomst van Limburg zich af gaat spelen. Het gaat te ver voor deze blog om ook deze scenario’s helemaal uit te spitten, vooral omdat de toekomst, waarschijnlijk, in het midden zal liggen.

Belangrijk is, dat zowel de visie op wonen als de visie op het landelijk gebied in de Toekomstvisie Limburg 2050 sturen op verdichting binnen bestaande kernen en het behoud van open landschap. In meerdere toekomstscenario’s wordt woningbouw buiten de kernen beperkt.

De Toekomstvisie benadrukt bovendien dat de beschikbare ruimte in Limburg schaars is. Iedere keuze voor woningbouw betekent automatisch dat er minder ruimte overblijft voor natuur, landbouw of landschap. Juist daarom pleit de visie voor zorgvuldige ruimtelijke keuzes.

Dit ondersteunt het uitgangspunt dat open landschappen zoals de Groene Loper bij Kunrade niet vanzelfsprekend ontwikkellocaties zijn voor woningbouw, maar onderdeel vormen van het landschap dat zorgvuldig beschermd en beheerd moet worden.


Reacties

Plaats een reactie